Archief

Zegt u het maar

Wilt u graag het verhaal bij een van mijn foto’s uit de One Eye Art Shop weten, stuur me dan een mailtje met daarin de titel van de foto.
De foto’s vindt u in:

One Eye Art Shop

MAIL NAAR GERRY

Ook te vinden op:

Visit Us On FacebookVisit Us On TwitterVisit Us On InstagramVisit Us On PinterestVisit Us On Google Plus

Copyright

De foto's en teksten van deze site mogen niet worden verveelvoudigd en/of worden opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op andere manier, hetzij op papier, hetzij digitaal; zonder voorafgaande toestemming van de auteur;

Gerry van Roosmalen
Boskantseweg 96
5492 VC Sint Oedenrode
+31(0)4 13 49 08 90
+31(0)6 55 33 71 96
www.1ivision.nl

De fatale schoonheid

De gravel kraakt onder mijn banden, dikke stofwolken vormen nog lang een perfect spoor van waar we net reden. De hele carrosserie van de auto protesteert als we weer eens door een diepe met modder gevulde kuil rijden. We naderen het zwarte strand Reynisfjara met de ruim 60 meter hoge rotspieken, de Reynisdrangar. Het parkeerterrein kan een paar auto’s herbergen. Een klein houten hokje doet dienst als toilet. Toilet is wellicht een te luxe naam voor een hok met daarin een houten bankje met een rond gat waaruit een lucht opstijgt die je naar adem doet snakken. We zijn hier helemaal alleen, dus de deur blijft op een kiertje.

Tussen de rotsen door wandelen we de laatste 2 a 300 meter naar het strand en staan dan oog in oog met de fatale schoonheid van een van de pilaren van de Reynisdrangar.

Dat was toen, dit is nu

Maar dat was in 1999. Nu zoemen onze banden over asfalt. We komen aan bij Svarti Kaffi, een nieuw gebouw waar je zelfs voor IJslandse begrippen te dure broodjes en te dure koffie kunt drinken. Het toiletgebouwtje heeft plaats moeten maken voor toiletten waar je je behoefte kunt afrekenen met een creditcard, en waar je met de gratis WIFI kunt controleren of het echt wel zo hard waait, of je trots op Facebook je lunch kunt presenteren aan al die mensen die graag willen weten wat je zo al eet tussen de middag.

Ik vervolg het pad naar het strand waar niets is veranderd, of toch wel? De Reynisdrangar staan nog steeds op dezelfde plek, de basaltkolommen zien er niet anders uit als 18 jaar geleden en als ik omkijk sta ik nog steeds oog in oog met Dyrhólaey, een andere markante rotspunt aan de zuidkust van IJsland.

Veranderingen in de stroming

Toch is er iets veranderd, iets wat je niet zomaar kunt zien, maar wat je wel kunt ervaren. De zeestroming is veranderd. Zo nu en dan rolt een golf aanmerkelijk verder het strand op dan de golf ervoor. Het is raadzaam om minimaal 1 oog gericht te houden op de verraderlijke golven. Niet iedereen doet dat getuige de vele foto’s van mensen die hier regelmatig een nat pak halen en waarvan de rugzakken die zojuist nog naast hen op de grond stonden worden meegesleurd door de hebberige golven van de oceaan.

Meestal houden de golven het bij een waarschuwing en komen de mensen vrij met een nat pak en zijn ze wat spullen en hun ego kwijt. In ruil hiervoor krijgen ze de schrik van hun leven. Soms ook nemen de golven de mensen verder mee de zee op. Spelen wat met de spartelende lichamen. Als ze niet meer meespelen spuwen de golven de levenloze lichamen terug op het strand.

Vandaag staat er een flinke storm en zijn de golven totaal onvoorspelbaar. Ik richt mijn telelens op de door golven geteisterde basaltkolommen en wacht op het moment waarop de golven zich woest een weg omhoog banen. Klik… ik heb je.

Bezoek mijn printshop

De volgende foto en zijn verhaal vindt je hier over:

 

 

De Kannesteinen

De hellingen worden steiler, de wegen smaller en de bochten volgen elkaar snel op. Na uren rijden bevind ik mij op het eiland Måløy. Het moet jaren geleden zijn dat ik hier was. Een markante steen heeft mij naar dit Noorse eiland teruggebracht.

In mijn negatieven of dia archief heb ik nog bewijzen van vorige bezoeken. Er zal ook wel een foto in een album zitten, maar verder heb ik enkel vage herinneringen aan deze paddenstoelvormige steen. Na tienduizenden jaren heeft een sterke westenwind die een verbond aanging met de oceaan de steen in deze vorm geërodeerd.

Mijn herinneringen

Zoals de wind en de oceaan de rots zijn huidige vorm hebben gegeven hebben mijn herinneringen ook het beeld van deze rots “hervormd”. In mijn herinneringen was de rots vele malen groter. Niet dat het geheel mij tegenvalt, maar ik ondervind wel dat herinneringen niet alleen worden door wat je ziet, maar ook door de indrukken die je opdoet. In de loop van jaren worden je herinneringen toch een vertroebeld geheel.

Zachtjes tikt de regen tegen de ramen van mijn camper. Ik hoef nergens heen. Voor mij ligt niet alleen de oceaan, maar ook een zee van tijd. Mijn timing is ook niet perfect. Het water staat nog te hoog om “mijn” foto te kunnen maken en mijn maag verraad mij dat het zo rond etenstijd moet zijn.

Niet veel later geniet ik tijdens het nuttigen van mijn “diner” van het uitzicht op de Kannesteinen en de bezoekers die minder tijd hebben of nemen om de steen als herinnering op te slaan. 

Verschillende fantasieën over Kannesteinen

Door het zakkende water wordt de steen steeds beter bereikbaar en fotogenieker. Ik daal af naar de rots. Afhankelijk van waar je gaat staan en de hoeveelheid fantasie die je hebt kijk je naar een paddenstoel, een geknotte wilg, een kloppend hart of een walvisstaart.  De Noren noemde de rots “Kannestolen” omdat ze vonden dat hij wat weg had van een eenbeenskrukje.

Bijna twee uur na aankomst is het water zover gedaald dat de foto’s die ik wilde maken ook gemaakt kunnen worden. De spectaculair gekleurde avondlucht waarop ik hoopte blijft achterwegen maar een paar vette wolken maken dat weer goed.

Kamperen verboden

Liefst had ik hier overnacht om in de late avond of vroege nacht nog te kijken voor foto mogelijkheden. Een bordje met daarop een duidelijke aanwijzing dat het verboden is om hier te kamperen kijkt mij vermanend aan. Als verdediging voer ik aan dat ik eigenlijk niet wil kamperen maar wil wachten op het juiste licht. Het bordje in onverbiddelijk en dwingt mij te vertrekken. Bovendien heb ik overmorgen een afspraak in Trondheim die ik niet wil missen.

Bezoek mijn printshop

De volgende foto en zijn verhaal vindt je hier over:

 

Het is niet altijd alleen zwart-wit

In de loop van de jaren heb ik een enorm archief opgebouwd van foto’s. Er zitten juweeltjes tussen maar ook standaard plaatjes. Vakantiekiekjes en ook foto’s die ik eigenlijk beter in de digitale vuilnisbak kan gooien en die ik liever aan niemand laat zien. Foto’s zijn echter veel meer dan een registratie van de dingen die je tegenkomt. Zo kan ik enorm genieten van een imperfecte foto die misschien niet eens scherp is. Een foto waarvan de compositie aan alle kanten rammelt of om een andere reden niet “vertoningswaardig” is. De herinnering aan het moment dat je de foto maakte, of degene die er op staat maakt die foto waardevol.

Keuzestress

Voor “mijn foto en zijn verhaal” blader ik regelmatig door mijn foto’s. Dit keer werd ik overvallen door keuzestress. Keuzestress is een vreemd fenomeen. Je hebt zoveel om uit te kiezen dat je uiteindelijk geen keuze kunt maken.

Bij het zoeken naar een foto voor deze week werd ik onder uitgeschopt door keuzestress. Wanhopig zocht ik tussen de vele foto’s maar was niet in staat een keuze te maken. Soms kwam ik een geschikte foto tegen maar wist er geen verhaal bij te maken of vond het verhaal niet interessant genoeg.

Facebook pingeltje

Ik werd uit mijn trance gehaald door een piepgeluidje uit mijn computer die mij waarschuwde dat in Facebook iemand een vriendschapsverzoek had verstuurd. De naam van de verzoeker klonk niet bekend. Ik volgde mijn procedure voor het goed of afkeuren van een verzoek. Zo kijk ik altijd eerst naar de gemeenschappelijke vrienden, daarna naar gedeelde interesses. Vaak gaat het dan om mensen met passie voor fotografie, IJsland of een combinatie daarvan.

Naar aanleiding van bovenstaande criteria besloot ik het verzoek goed te keuren en weer verder te zoeken naar de foto toen ik weer door mijn computer werd gewezen op activiteit in de social media. Dit keer ging het om een messenger bericht van mijn zojuist nieuwverworven facebook vriend. Na over en weer wat gechat te hebben gaf hij aan dat hij op mijn naam was gewezen door zijn vader. Zijn vader zat bij mij aan boord van het zeilschip “De Noorderlicht” op onze reis rondom Spitsbergen in 2007.

Ik was natuurlijk ten eerste al zeer vereerd dat mijn naam 10 jaar na deze reis nog werd genoemd in combinatie met fotografie. Natuurlijk werd er nog een tijdje doorgechat en was ik tussen het chatten door weer even helemaal in de ban van mijn Spitsbergen foto collectie.

Bladerend door deze foto’s werd ik gegrepen door een soort van heimwee naar de koude kusten van Spitsbergen. Iets wat waarschijnlijk door iedere Spitsbergenganger wel wordt herkend.

Ook een egaal grijze lucht kan goed tot zijn recht komen

Bovenstaande foto werd gemaakt in Hornsund in een fjord in het zuidwesten van Spitsbergen. De omstandigheden waren perfect. Wie mij kent weet dat ik (in de fotografie) niet zo dol ben op blauwe luchten. Een egaal blauwe lucht komt voor mij op de tweede plaats van minst interessante luchten om bij te fotograferen. Op de eerste plaats staat de egaal grijze lucht.

Hoewel de zon zich best goed liet zien op deze foto wat je kunt zien aan de schaduwwerking werd de lucht achter de berg weergegeven als een egaal grijze lucht zonder enige gradatie. De nummer 1 van meest saaie luchten in de fotografie, en bij deze foto… werkt dat perfect.

 

 

Bezoek mijn printshop

 

 

Dansende Ballerina’s bij maanlicht

Als klein ventje was ik al gefascineerd door de pluizenbollen van de Taraxacum officinale al kende ik die toen alleen onder de naam paardenbloem. Een ordinaire naam voor een ordinaire bloem die meestal snel uit de tuin werd verwijderd zodra hij voorzichtig zijn gele kopje liet zien. De bloem werd voor mij pas echt interessant als de bloem was verdwenen en de witte pluizenbol tevoorschijn kwam.

Als je al die pluisjes in een keer weg kon blazen werd je 100 jaar en in mijn jeugdige bravoure wist ik zo vele malen die 100 jaar bij elkaar te blazen om vervolgens vol bewondering te kijken hoe al die zaadjes door de wind werden meegevoerd.

Van verwondering tot foto

Later toen ik de fotografie ontdekte werden de pluizenbollen natuurlijk een dankbaar object om te fotograferen. Als enkele bol, meerdere bollen bij elkaar of een bol waarvan een aantal zaadjes al ontbrak. Ooit heb ik  eens met een pincet net zolang de zaadjes uit zitten trekken tot ik een pluizenbol met hanenkam had gecreëerd. Dat zal in de/mijn punk tijd zijn geweest.

Het kan niet anders dan dat er een moment komt dat je het met die pluizenbol helemaal hebt gehad en je het fotograferen van dat ding overlaat aan al die anderen die nog steeds verwonderd kunnen raken door dit wonder der natuur. Ja, het blijft een wonder van de natuur. Wij groeien op met het gegeven van de paardenbloem en beschouwen hem als een stuk onkruid.

Het verschil tussen kijken en zien

Jammer dat onze kinderlijke verwondering verdwijnt en we de dingen met onze volwassen ogen gaan bekijken. Ga eens plat op je buik liggen en kijk eens goed naar zo’n paardenbloem. Als je er goed naar kijkt ga je hem misschien ook weer zien.

Bij het lezen van deze laatste zin denk je misschien, “maar dat is toch hetzelfde”? Ik wil dat meteen even rechtzetten. Er is een groot verschil tussen kijken en zien. Denk daar maar eens over na.

Vorig jaar zat ik in mijn studio met in mijn hand een pluizenbol. Ik had het ding van alle kanten bekeken en begon het opnieuw te zien. Te zien met de kinderlijke verwondering alsof je het voor de eerste keer ziet.

De inspiratie begon te borrelen. Ik kon aan de slag. Van de studio wand rolde het zwarte karton naar beneden. Een zwart dienblad werd keurig waterpas gezet en tot de rand gevuld met water. De flitslichten werden neergezet, waarbij ik bij een van de lampen een blauwfilter plaatste. Dat had natuurlijk iedere andere kleur kunnen zijn, maar blauw is nu eenmaal mijn lievelingskleur en ik vond het mooi bij mijn onderwerp passen.

De kiem is gelegd

Voorzichtig plukte ik met behulp van een pincet een aantal zaadjes van de bol en plaatste deze voorzichtig op het met water gevulde dienblad. Eerst een enkel zaadje, maar dat was toch wel wat weinig. Ik voegde nog twee zaadjes toe om wat meer vulling in mijn beeld te krijgen. Helemaal tevreden was ik nog niet.

Kijkend naar het tafereeltje voor me bedacht ik dat de zaadjes die langzaam meedeinden met ieder zuchtje wind dat door mijn studio blies net een groepje ballerina’s was. Het zwanenmeer! Dat moest het worden. De pluizenbol voorzag mij van voldoende ballerina’s voor een uitvoering van het zwanenmeer. Voorzichtig dirigeerde ik de ballerina’s bij elkaar zodat ze een groepje vormde. Bij het zwanenmeer is één ballerina natuurlijk de sterdanseres. Die ontbrak nog in mijn foto. Met een klein stokje maakte ik de sterdanseres los van het groepje.

Gepassioneerd draaide zij haar rondjes terwijl ergens in het donker de fotograaf tevreden door zijn lens keek en afdrukte.

 

Bezoek mijn printshop

 

 

Wandeling bij Rauðisandur

Als ik de volgende dag ontwaak (even het vorige blogbericht lezen als je niet weet waar ik het over heb) en in de spiegel kijk zie ik dat het de nacht niet is gelukt mijn glimlach glad te strijken. Het zonnetje schijnt, ik sta op een van de mooiste plekjes die deze wereld rijk is en mijn longen worden gevuld met een onwaarschijnlijk frisse lucht die ik met volle teugen door mijn neus opsnuif. Het is een mooie dag voor een wandeling.

Vanaf de camping is het een steenworp lopen naar het strand. Nou werp ik een steen niet zo ver, dus laten we het houden op twee steenworpen. Als ik aankom bij het strand valt mijn oog op twee niet te missen rotspartijen en een handvol rotsen die het door de zon beschenen gouden strand hier en daar voorzien van een welkome landschappelijke afwisseling.

In extase of opgewonden?

Even geniet ik van het tafereeltje. Voor een voorbijganger is dit meestal voldoende. Voor een fotograaf is dit enkel het voorspel. Even kijken, in extase raken, (ik wilde opgewonden schrijven maar dat kan als vervolg op mijn vorige zin in een verkeerde context geplaatst worden), fotoapparatuur klaarzetten, instellen, foto maken en als climax terugkijken en beoordelen of je tevreden bent met het resultaat. Een soort sigaretje roken dus.

Gezien de bijna ideale omstandigheden ben ik uiterst tevreden met het resultaat. Hier zou het verhaal bij deze foto dus technisch gesproken klaar zijn.

Voor mij hoort er echter nog een klein stukje bij. Een half uurtje na deze foto te hebben gemaakt begin ik aan een strandwandeling. De kliffen in de achtergrond welke wel haast zeker de kliffen van Látrabjarg zijn liggen te ver weg. Die ga ik zeker niet bereiken, maar ik wil het gouden strand diep op mij in laten werken, en dat gaat het beste met een wandeling. Een paar paaltjes die ik in de verte zie moeten mijn einddoel of keerpunt van deze wandeling worden.

Zoals iedere wandeling begint ook deze wandeling met de eerste stap. Het eindeloze strand blijft eindeloos, en met iedere stap komen de paaltjes in de verte dichterbij, maar dat is slechts gevoelsmatig. Visueel lijkt het of de paaltjes iedere stap die ik zet ook zetten en daarmee de afstand tussen mij en mijn einddoel gelijk houden.

De donkere toren

Mijn gedachten gaan dwalen, en even voel ik mij Roland. Roland van Gilead, de scherpschutter uit de boekenserie “De donkere toren” van Stephen King. Hij liep dagenlang over een eindeloos strand, onderging ontberingen, had honger, dorst en zijn huid raakte verweerd door de felle zon.

Mijn “ontberingen” staan natuurlijk niet in verhouding, maar ik snap zijn beleving.

De paaltjes worden nu snel groter. Noem het een tik, maar ik wil voor ik terugkeer de paaltjes even aanraken. Nog even bekijk ik de paaltjes, maar ondanks de lange weg ernaartoe blijven het gewoon paaltjes, niets bijzonders. Ik draai me om en loop terug. Roland van Gilead heeft nog een lange weg te gaan.

Bezoek mijn printshop

 

 

De ultieme zonsondergang

Bestaat die eigenlijk wel? De ultieme zonsondergang. In mijn leven heb ik er al veel gezien. Nee, niet de ultieme, maar gewoon zonsondergangen. De ene is mooi vanwege het moment, de andere door je gemoedstoestand, de andere vanwege die gekoppelde beleving.

Als ik alles loslaat, mijn gemoedstoestand, mijn beleving, het moment dan blijft deze foto voor mij de ultieme variant. Maar wellicht ben ik als eigenaar van het moment niet objectief genoeg om daar over een oordeel te kunnen vellen.

Die dag was een dag als alle andere… Nou begin ik met een leugen. Die dag was een bijzondere dag. Ik bevond me op IJsland, en was die dag alleen, of beter gezegd ik was de hele week al alleen geweest. Ik had wat dingen te regelen in IJsland en koppelde onze vakantie aan het zakelijke deel, waardoor Ans al weer thuis was en ik nog wat tijd op IJsland door mocht brengen.

Die dag was ik begonnen aan de voet van een van de mooiste watervallen van IJsland, de Dynjandi. Eigenlijk heet die waterval de Fjallfoss, maar volgens mij kent iedereen deze waterval enkel aan eerdergenoemde benaming.

Op weg naar Rauðisandur

Vanaf die waterval was het nog een behoorlijk stukje rijden naar het mooie rode strand van Rauðisandur. Nou ja, mooie rode strand? Het is maar net onder welke omstandigheden je het strand te zien krijgt. Wanneer de zon door een dik wolkendek tevergeefs kleur probeert te geven aan de onderliggende aarde sta je hier oog in oog met een weliswaar mooi, maar toch voornamelijk grauw strand.

Ik kwam aan bij het strand op een dag dat de voorwaarden bijna ideaal waren. Na een lange wandeling vond ik een kleine camping aan de oostzijde van het strand. Het was laat in het seizoen waardoor de ik de camping als mijn domein kon beschouwen. Ik begon met het bereiden van mijn avondeten en keek vanuit het keukenraam naar buiten. Dat klinkt als heel wat, maar ik zat nog steeds in mijn camper en had van hieruit zonder een stap te verzetten ook door de achterdeur, het huiskamer- en slaapkamerraam ook naar buiten kunnen kijken.

Wat ik zag was nog niet wat je op bovenstaande foto ziet, maar het was al voldoende om de pitten van mijn gasfornuis uit te draaien en gewapend met camera en statief naar buiten te gaan. Ik bleef buiten tot het laatste restje zonlicht was uitgedoofd en ik verder kon met het bereiden van mijn maaltijd.

Nagenietend van de mooie momenten die ik net had ervaren probeerde ik nog een glimp op te vangen van het mooie “buiten” maar keek door het donker enkel in de reflectie van de ogen van een gelukkig man.

Bezoek mijn printshop

 

 

De onvoltooide wandeling

De onvoltooide wandeling

Die morgen begonnen we aan een wandeling in het Speulderbos. We verbleven op een in de nabijheid gelegen camping en hadden eerst rustig de tijd genomen om te ontbijten. Vanaf de camping had ik het al gezien. Het licht; dat was toch niet interessant.

Plichtsgetrouw vulde ik mijn rugzak met twee camera’s, enkele objectieven, een reportageflitser en nog wat klein spul dat de fotograaf onderweg nodig kan hebben. Aan de buitenzijde van de rugzak bungelde om het plaatje compleet te maken een zwaar statief. De volle rugzak met fotospullen dwong mij in een kaarsrechte positie en maakte iedere voetafdruk net een beetje dieper dan je gezien mijn eigen omvang zou verwachten.

Een overdaad aan onderwerpen

Ik opende het poortje dat ons van de camping af het bos in leidde en wandelde er doorheen. Ik hield het poortje open voor Ans en sloot het zachtjes nadat ze er doorheen was. We hadden amper tien stappen gezet toen ik een mooi exemplaar van de porseleinzwam zag. Ik wilde net gaan knielen om het exemplaar beter te bekijken en te onderzoeken hoe ik het als gepolijste sneeuw uitziende kleinood het best kon fotograferen toen Ans me wees op een ander exemplaar. En nog een, en nog een, en hele bosjes en boomstammen vol met de meest uiteenlopende creaties zoals je die in een herfstbos aan kunt treffen.

Een vluchtige blik over mijn schouder naar een ander perceel van het bos met de dansende bomen was voldoende om te beseffen dat de wandeling voor mij hier zou eindigen. Ik draaide me om naar Ans, en zonder dat ik iets hoefde te zeggen zei ze: “geeft niets. Ik ga wel hardlopen”.

Totdat de nevel helemaal opgetrokken was bracht ik die ochtend kruipend en plat op mijn buik liggend door. Een ding had ik wel geleerd. Als het licht op de camping niet optimaal is, wil dat nog niet zeggen dat in het iets verderop gelegen bos datzelfde licht niet met iets magisch bezig is.

Bezoek mijn printshop

 

Sfeer of Technische perfectie

Zaadpluis van het Wildemanskruid

Het is het verschil tussen een foto “zien” of een foto “voelen”. Gaat het in een foto om sfeer of technische perfectie? Als je een foto gaat beoordelen, waar kijk je dan als eerste naar?

Beschouwingsafstand

Bezoek maar eens een expositie. Mensen die weinig of geen verstand hebben van de technische kant van de fotografie kijken anders dan de doorgewinterde fotografen. Ze lopen langs de panelen en houden een bepaalde afstand om de foto in zijn geheel te bekijken. Vanaf die afstand geven ze een mening over wat ze zien. Die mening reflecteert dan vaak het “voelen” van de foto.

De doorgewinterde – of denkende dat hij een doorgewinterde fotograaf is – daarentegen kijkt anders naar de foto. Criterium één voor hem/haar is dat de foto “gestoken” scherp moet zijn. Op een afstand van nog geen 10 centimeter, vaak gewapend met leesbrilletje staan ze bijna pixel tellend te oordelen over de foto. Ze nemen de technische kant van de foto onder de loep, en vergeten daarbij vaak de “sfeer” van de foto te voelen.

Het is ook niet moeilijk om een mening over een foto te hebben. Ik heb ook bijna altijd een mening. Maar doet mijn mening of iemands mening over de technische kant van een foto ertoe als je bij het kijken naar de foto wordt overrompeld door een “wow” gevoel?

Gestoken scherpte

Doet het ertoe dat je niet weet waar je naar kijkt hoelang je je ogen ook over de foto heen laat dwalen? Doet het ertoe dat het moeilijk zo niet onmogelijk is om ergens op de foto iets van “gestoken scherpte” te ontwaarden?

Bovenstaande foto is voor mij geslaagd door de sfeer die hij uitstraalt. Vindt je dat genoeg, dan hoef je niet verder te lezen in dit blogje. Als je wel verder leest, dan weet je straks dat je kijkt naar de zaadpluis van de bloem die in Nederland bekend staat als Wildemanskruid. Voor wie dat niet ver genoeg gaat kan ik nog vermelden dat de Latijnse benaming Pulsatilla Vulgaris is.

Op mijn hypermoderne tot veel in staat zijnde fotocamera bevestigde ik een oud onooglijk in massaproductie nog geen € 20,00 tweede- of derdehands marktplaatslensje van het merk Helios. Het lensje staat bekend om het schitterende Bokeh.

Wat is Bokeh?

Bokeh is Japans, en vertaald betekend het onscherpte. Het gaat dus om de onscherpe delen in je foto. In deze foto ontbreekt het niet aan die onscherpe delen. Je mag dan ook van alles vinden van deze foto, je mag er ook van alles over zeggen, maar wat ik niet wil horen is dat hij niet echt gestoken scherp is.

Bezoek mijn printshop

 

Bij iedere foto een herinnering

Het is maandagmorgen. Ik blader door mijn foto’s op zoek naar de foto die deze week in de schijnwerpers komt te staan. Het lijkt makkelijker dan je zou denken. Mijn geheugen zit mij dwars. Ik onthoud te veel en weet daardoor vaak niet wat ik als eerste wil vertellen. Bij iedere foto een herinnering.

Zo bleef ik weer veel te lang hangen bij bovenstaande foto. Niet alleen het moment van deze foto, maar al die keren dat ik hier kwam waren momenten gevuld met herinneringen. Vaak was ik in het gezelschap van Ans, verschillende keren met vrienden, maar ook vaak in het gezelschap van mensen die ik nog maar een paar dagen eerder mocht leren kennen.

Die keer tijdens de winterreis

Die ene keer dat de waterval helemaal was omgeven door ijspegels zal ik nooit meer vergeten. Een waaghals had zich tot vooraan bij de waterval begeven en stond recht onder de grootste ijspegels die ik ooit had gezien. De temperaturen waren die dag boven het vriespunt gekomen en je hoorde het ijs boven het geluid van de waterval uit kraken.

Zijn vriendin volgde vol van bewondering de verrichtingen van haar vriend. Ik raakte zelf geïrriteerd door zijn gedrag. Niet alleen bevond hij zich op een gevaarlijke plek waar ieder moment enkele honderden, of in ieder geval tientallen kilo’s aan ijspegels van 20 meter hoog op hem neer konden storten. -Dat zou hij dan hooguit door een klein wonder nog kunnen overleven.- Maar hij stond ook hinderlijk in de weg voor een achttal fotografen die hier ook liever een maagdelijke waterval fotografeerden.

Ik vroeg haar of haar vriend goed verzekerd was. “Hoezo?”; was haar antwoord. Ik legde haar kort uit wat voor schade die ijspegels aan haar vriendje zouden uitrichten mochten ze hun strijd met de zwaartekracht staken. Haar antwoord was kort.  “Hij weet wat hij doet”.

De echo van haar antwoord hing nog in haar mond toen op de plek waar de jongeman twee seconden eerder nog stond een grote hoeveelheid ijspegels naar beneden suisde. Het kleine wonder was geschied. De pegels mistte hem op een haar na. Een verschil van twee seconden was het verschil geweest tussen leven en dood.

Net zo wit als de sneeuw snelde de jongeman terug naar de veilige plek op afstand van de waterval.

Glibberend over het ijs

Of die keer dat we bijna op handen en voeten moesten afdalen om bij de waterval te komen omdat het pad spiegelglad was geworden. Naar beneden is één ding, maar naar boven bleek toch wel een groot probleem te zijn.

Door elkaar te ondersteunen wisten we één van ons een stukje hoger op het pad te krijgen. Vanaf die hogere positie werd dan weer een uitgeschoven statief aangereikt waarlangs wij dan weer omhoog konden klimmen. Sinds die keer neem ik trouw mijn spikes voor onder mijn schoenen mee in de IJsland winterreizen.

Het voordeel van vaak terugkomen op dezelfde plekken is dat je tijd krijgt om te experimenteren en kunt zoeken naar het mooiste standpunt voor “de” foto. Wat mij betreft is het beste standpunt midden in de stroming op een paar rotsen. Daarvandaan is bovenstaande foto van de zwarte waterval, beter bekend als Svartifoss ook genomen.

Deze foto werd genomen door Hans van Dam. Een van mijn deelnemers aan de fotografiereis van 2014. Een bezoekje aan zijn site is ook meer dan de moeite waard. Hans van Dam Fotografie Kijk naar zijn foto’s en lees zijn poëtische verhalen. 

Bezoek mijn printshop

 

Na 1000 jaar weer herenigd

We beginnen ergens rond het jaar 1000 na Christus. Thor, Freya, Odin met zijn achtbenige paard Sleipnir en vele andere afgoden worden door de Vikingen aanbeden. IJsland is iets meer dan een eeuw eerder gekoloniseerd. 

Terwijl de Vikingen hun bloedige vetes beslechten stijgt waterdamp vanuit de Atlantische oceaan naar grote en koude hoogten. Het water condenseert, bevriest en valt als sneeuw naar beneden ergens op de grootste gletsjer van Europa, de Vatnajökull.

Jaren verstrijken. Sneeuw valt laag na laag en vormt een steeds dikkere massa. Door de enorme druk van de bovenliggende lagen sneeuw veranderen de onderste lagen in IJs. IJs dat steeds vaster en compacter wordt. Het ijs wordt zo compact dat het rode en gele licht eenmaal gevangen in het ijs niet meer kunnen ontsnappen waardoor enkel nog het blauwe licht reflecteert.

We gaan langzaam 1000 jaar vooruit in de tijd. Diep onder een dikke ijslaag ligt de neerslag uit de tijd van de Vikingen. Oorlogen ontstaan, de pest breekt uit, er komt een kleine ijstijd, Amerika wordt ontdekt. De wereld veranderd, maar niet voor het ijs.

1000 Jaar van onwetendheid

Onvermijdelijk schuift het 1000 jaar oude ijs naar de rand van de gletsjer waar het uiteindelijk de strijd met de zwaartekracht niet kan winnen. Het ijs breekt af van de massa en komt terecht in het ijsbergenmeer Jökulsárlón. Langzaam maar zeker drijft het ijs in de richting van haar laatste bestemming. De reis is lang. Keer op keer loopt het ijs vast op de bodem van het meer. Het ijs kan niet meer doen dan wachten tot het voldoende is afgesmolten om haar reis voort te zetten.

Na 1000 jaar weer herenigd.

Na een tocht van ongeveer drie jaar bereikt het ijs zijn uiteindelijke lot, de Atlantische oceaan, waar golven zo hard op het ijs beuken dat stukken afbreken, steeds kleiner worden en langzaam afsmelten tot ze weer terug zijn waar en hoe ze 1000 jaar eerder aan deze interessante reis waren begonnen.

Ik sta op het strand Breiðamerkursandur, vlak bij het ijsbergenmeer. Getijdenwerking heeft enkele grote brokken ijs op het strand teruggeworpen. Golven slaan stuk op het harde ruim 1000 jaar oude ijs. Gewapend met mijn camera wacht ik het ultieme moment af om af te drukken…

Bezoek mijn printshop

 

De volgende foto en zijn verhaal vindt je hier over: