Menu Sluiten

Brúarfoss, de brugwaterval

1999, Jennifer Lopez stond net met haar eerste hitje “If you had my love” in de top 40, De meest moderne Pc’s draaide op Windows 98 Second Edition, en internet ging meestal met het programma Netscape gekoppeld aan een 14K4 modem.

Informatie zoeken over “exotische bestemmingen” ging via verkeersbureaus waaraan je een briefkaart kon sturen met verzoek om informatie. IJsland ging via het verkeersbureau van Noorwegen. De informatie die je uiteindelijk enkele weken later thuiskreeg was summier. Summier, maar nog altijd meer als je kon vinden via internet. De vakantiebeurs in Eindhoven bestond toen uit niet meer dan vijftien of twintig aanbieders. Het WWW was in die tijd nog niet zo goed gevuld als tegenwoordig, en het zoeken werd afgestraft tegen het normale telefoontarief dat per minuut moest worden afgerekend.

1999 was ook de eerste keer dat ik IJsland bezocht. Gewapend met onze brochures, de IJsland gids van Arnold Janssen, de wandelgids van Rother en wat we zo links en rechts hadden gehoord doorkruisten wij IJsland. Het was een indrukwekkende belevenis waar ik nog steeds met veel plezier aan terug denk.

Mijn eerste bezoek aan de Brúarfoss?

Natuurlijk zie je in drie weken maar een klein stukje van de natuurschoon en de vele wonderen van IJsland. Ook hoorde ik de naam van een bijzondere waterval, de Brúarfoss. Op de kaart was deze waterval snel gevonden, zodat ik bij een volgend IJsland bezoek ook deze waterval op mijn lijst van wonderen bij kon schrijven. Helaas zijn er in IJsland twee watervallen die Brúarfoss heten. Vertaald betekend Brúarfoss brugwaterval, dus de naam is redelijk voor de hand liggend.

Na nog meer speurwerk vond ik de locatie van de Brúarfoss. Ik werkte inmiddels als gids op IJsland, en een van de chauffeurs waarmee ik samen werkte wist mij de exacte locatie te noemen. Tijdens een privéreis naar IJsland in 2006 stond ik eindelijk oog in oog met deze prachtige waterval. Ik leefde mij fotografisch helemaal uit en met weer een nieuwe ervaring op zak keerde ik huiswaarts.

Bij mijn volgende bezoeken aan IJsland wist ik als het enigszins kon deze waterval ook weer te vinden. Ander weer is een ander IJsland, dus ieder bezoek was anders. De foto’s bleven wel veelal hetzelfde. Je kent de mooiste standpunten en je weet wanneer het licht op zijn mooist is.  Dat is natuurlijk alleen waar bij de juiste weersomstandigheden. Zo baggerde ik al eens meer dan enkeldiep door de modder maar ook kniediep door de sneeuw.

Fotografische oververzadiging

Dan komt er een moment dat je weer terug bent bij de waterval en je eigenlijk niet weet wat je foto’s nog toevoegen aan de verzameling die je thuis al hebt. Je bent oververzadigd. Dan kun je drie dingen doen. Je kunt nog een keer dezelfde foto maken, maar wat is daarvan de lol? Je kunt ook gewoon geen foto maken en weer terugwandelen naar je auto, maar je bent er nu toch. Zonde van je tijd. Of… Je zoekt naar een andere invalshoek, een ander standpunt, een ander effect. Wat dan ook. Dat is waar je creativiteit invulling moet gaan geven aan de creatie van die “andere” foto.

Wat ik hier leerde, is dat ik dat niet moet doen als ik ergens voor de tweede, derde of misschien wel tiende keer kom, maar ook als ik ergens voor de eerste keer kom. De geijkte foto’s kent iedereen wel. Maak gerust die “geijkte” foto, maar ga niet weg voordat je die andere hebt.

Zo denk ik nog steeds terug aan die keer dat ik met blote voeten enkeldiep in het ijskoude water van deze rivier stond op zoek naar een ander standpunt. Duizenden naalden die aan alle kanten in mijn voeten staken, en het opkomende besef dat de stenen op de bodem van deze rivier ook best scherp waren. Maar dat is een ander verhaal, en dat komt nog wel eens voorbij bij “het verhaal bij een andere foto”.

Fossalar, de bekende onbekende

Komende vanuit het westen met de watervallen Seljalandsfoss, waar je achterlangs lopen kunt, de Skogafoss waarin je vaak een regenboog kunt spotten in de nevel en de Foss á Siðu waar je twee minuten eerder voorbijkwam en waarschijnlijk even de auto aan de kant wilde zetten, zou je de Fossalar bijna ongezien voorbij rijden.

In de “oudere” reisgidsen wordt hij niet eens vernoemd. Zittende in je (huur)auto zul je hooguit een glimp opvangen van deze prachtige waterval die eigenlijk geen naam mag hebben. Als je dan bij het passeren even niet oplet ben je er zonder te beseffen dat je iets heel bijzonders langs de route hebt laten liggen.

Voor mijn volgende bezoek

Ik moet er ook minimaal een keer of vijf aan voorbijgereden zijn zonder ook maar een moment het gas los te hebben gelaten. De eerste keer dat ik hem zag, was tijdens mijn eerste IJslandreis waarvoor ik als reisbegeleider/gids op pad was. Dat zal in 2007 zijn geweest. We waren even gestopt bij de basalt formatie Dverghamrar en reden net verder naar het oosten toen ik voor het eerst deze waterval zag. Voordat ik kon reageren waren we er al aan voorbij en was het voor mijn chauffeur te laat om nog te stoppen. Ik sloeg de locatie op in mijn geheugen om te bewaren voor mijn volgende IJslandreis.

Een jaar later, 2008, tijdens een privéreis stond ik hier voor het eerst stil om de waterval in al zijn glorie te fotograferen. Sinds die bewuste reis in 2008 ben ik hier nooit meer aan voorbij gereden zonder op zijn minst een half uurtje bij deze waterval, waarvan ik pas veel later leerde dat hij wel degelijk een naam had, stil te staan.

De uitzondering was maart 2017 toen de weg sneeuwvrij was, maar in de bermen zestig tot zeventig centimeter sneeuw een onneembare hindernis vormde om de bus te parkeren.

De Fossalar, een juweeltje op slechts een steenworp afstand van de hoofdweg.

Voor de liefhebbers is deze ook verkrijgbaar in zwart/wit

In de basalt vallei Stuðlagil

Als het buitengewone gewoon begint te worden, als je niet meer in extase raakt door de fenomenen waarvan je voorheen de kriebels in je buik kreeg, dan ben je toe aan verse prikkels. Soms heb je geluk, en zorgen de weersomstandigheden voor een nieuwe blik, en soms moet je gewoon “anders” kijken. Als dat allemaal niet werkt, wordt het tijd voor een andere strategie.

Een nieuw vlaggetje op de kaart

Tijdens de voorbereidingen van mijn laatste reis naar IJsland zocht ik het internet af naar bijzondere plekken waar ik nog nooit eerder was geweest. IJsland bleek nog veelzijdiger dan ik had gedacht. Zo vond ik ondanks mijn vele eerdere bezoeken aan dit bijzondere land toch nog verschillende plekken waar ik me “alleen op de wereld” voelde.

De ontdekking van 2018

Op een veel te koude dag, een dag met een eveneens snijdende koude wind begin ik aan mijn vier kilometer lange wandeling naar een van de met vlaggetjes gemarkeerde plaatsen op mijn kaart. De route loopt parallel aan de vallei van de rivier jöklá. Dat maakt het moeilijk om te verdwalen, maar tegelijkertijd heb ik ook geen idee wanneer ik op de juiste plek ben om tot aan de rivier af te dalen. Ik heb twee stukjes informatie die mij hiervoor houvast geven. Het eerste deel is de waterval Stuðlafoss die na twee kilometer op de route moet liggen. Het tweede stukje informatie is de totale lengte van de route, om en nabij de vier kilometer.

Stuðlafoss, de eerste verrassing

Na twee kilometer tegen de wind in ploegen kom ik aan bij de Stuðlafoss. Mijn mond valt open van verbazing. De plek is redelijk afgelegen, maar zeker niet zo afgelegen dat je deze waterval over zou slaan bij een bezoek aan IJsland. Ik moet me enorm inhouden om hier niet te lang te blijven. De vallei wacht wel, maar het daglicht niet. Ik neem me meteen voor dat mocht de vallei tegenvallen ik hier terugkom om nog wat extra tijd voor de waterval te nemen.

Een onaardse schoonheid ligt voor me

Ik vervolg het pad waarbij ik tussen soms vluchtende schapen door moet manouvreren. Je zou verwachten dat die dieren ondertussen wel weten dat mensen bijna altijd op het pad blijven lopen zodat ze enkel een paar passen naar links of naar rechts hoeven te zetten om van die akelige wezens verlost te zijn. Maar nee, ze blijven enkele meters voor me uit over het pad lopen, in iets wat het meest lijkt op een georganiseerde paniek.

Mijn GPS geeft aan dat ik bijna drie en een halve kilometer heb gelopen. Het wordt tijd om de omgeving af te speuren om een plek te ontdekken waar ik af kan dalen in de kloof. Geloof het of niet, maar ik loop in een keer, zonder verkeerd te lopen naar de juiste locatie. Over een aantal met ijs afgezette rotsen klim ik naar beneden en kijk om me heen. Een onaardse schoonheid ligt voor me.

Ik kan het bijna niet geloven. Waar ik ook kijk, overal zie ik basalt kolommen, groen water, kleine watervalletjes en oranje gekleurde rotsen. Ik ben weliswaar geen geoloog, maar ik neem aan dat de oranje kleur ontstaat door afzetting van ijzererts.

Voetje voor voetje naar de mooiste standpunten

In mijn enthousiasme heb ik mijn crampons (scherpe ijzertjes voor onder de schoenen) zo´n vier kilometer terug in de auto laten liggen. Een enkele milimeters dik ijslaagje is door de fijne nevel van de watervalletjes afgezet op de rotsen. Voetje voor voetje werk ik mij een weg door de vallei om zo op het beste standpunt voor mijn foto´s te komen. Eén misstap kan er voor zorgen dat ik de ijskoude gletsjerrivier inschuif. Als ik aankom op de door mij zo gewenste plek, kan ik mijn ogen bijna niet geloven. De oranje basalt kolommen met daarover een waasje nevel van een waterval, het groene water van de rivier en daarboven een blauwe lucht. Het perfecte plaatje. Ik vergeet de koude en doe mijn best om het perfecte plaatje in mijn camera te krijgen.

Valkuilen tijdens het fotograferen

Er zijn veel valkuilen tijdens het fotograferen, vooral als je gevangen bent door de omgeving. Ik moet even schakelen om mijn “routine” uit te zetten en na te denken voordat ik de ontspanknop indruk. Overweldiging kan moordend zijn voor een goede foto. Je maakt de foto, en in je enthousiasme kies je toch net het verkeerde diafragma, gebruik je een te hoge ISO of maak je een andere fout met je instellingen op de camera. Niet erg als je er ter plekke achter komt, wel vervelend als je het pas bemerkt als je weer thuis bent en je weet dat je niet zomaar even terug bent in deze prachtige vallei.

Bezoek mijn printshop

De Stuðlagil gallery vind je hier onder:

Bezoek mijn printshop

Een fotoloze wandeling, of “saved by the bell”

Het was niet voor het eerst, en zeker niet voor het laatst. Ik sta hierin ook zeker niet alleen. Zorgvuldig pak je de rugzak in en maakt meteen de keuze wat mee moet en wat thuis kan blijven. Alle spullen zijn ingepakt qua de te verwachten mogelijkheden tijdens je wandeling. Je trekt aan de lipjes van de ritssluiting waardoor de rugzak zich sluit en je spullen veilig ingepakt zitten.

Je tilt de rugzak van de tafel, en de gedachte die door je hoofd schiet is “allemachtig wat is dat ding zwaar”, al dan niet voorzien van een krachtterm naar keuze in te vullen.

De rugzak gaat open voor inspectie, maar op het moment dat je realiseert dat er niets thuis kan blijven realiseer je ook dat je statief ook nog mee moet. “Ik ben helemaal gestoord” is de volgende gedachten die door je hoofd schiet.

Als de rugzak eenmaal op de daarvoor bestemde plek zit valt het in de regel wel mee. Dat wil zeggen mits je een goede rugzak hebt. Het heeft mij en waarschijnlijk vele van jullie vele rugzakken gekost voordat je er een had die aan je verwachtingen voldeed. De goedkope prullen liggen ergens ver weggestopt in een kast, ergens verstopt op zolder of hebben hun onhandigheid moeten bekopen met een enkeltje kliko.

Ook dit keer liep ik te zeulen met een te zware rugzak op een grijs en inspiratieloos strand. We waren al een paar uur onderweg, en de ritssluitingen van de rugzak waren nog niet open geweest. Zo nu en dan ging mijn jaloerse blik naar de mensen die zonder rugzak hun telefoon eenvoudig uit hun binnen of kontzak toverde en een kiekje maakte. Waarom kan ik dat niet?

Een fotoloze wandeling

Ik had er mezelf al in berust dat ik fotoloos weer huiswaarts zou keren toen de lucht een klein beetje opentrok. Niet ver van ons vandaan stonden door zee en windwerking verweerde palen die tezamen een golfbreker vormde. De elementen vielen samen, tot een perfecte samenwerking van zon, zee, licht en paaltjes.

Op de terugweg voelde mijn rugzak stukken minder zwaar.

Bezoek mijn printshop

 

 

Selfoss, daar waar stenen drijven

Verwonderd kijk ik naar de stenen, drijvend op het water. Langzaam worden ze door de stroming naar de waterval getrokken waar ze door de kracht van het vallende water onder het oppervlak verdwijnen. Enkele tientallen centimeters verderop ploppen ze weer tevoorschijn. Hobbelend op het zacht schommelende water worden ze weer teruggetrokken door dezelfde stroming die ze net nog uitspuwde. Het luchtige puimsteen, door de stroming gevangen, houdt mijn blik gericht op deze kleine aftakking, stromend tussen het gitzwarte zand dat hier is afgezet door de achter mij woest kolkende gletsjerrivier, de Jökulsá á Fjöllum.

Op korte afstand van elkaar vind je hier de honderden meters lange en 11 meter hoge Selfoss, de krachtigste waterval van Europa, de Dettifoss, en niet veel verder de Hafragilsfoss. Ik voel me als een kind dat net een mooi cadeau heeft uitgepakt maar gefascineerd blijft spelen met de doos en het inpakpapier.

Honderden kubieke meter water stromen door de rivier alvorens hij mijn aandacht weer weet te veroveren. Mijn ogen dwalen over het kolkende water op zoek naar een vernieuwde of minstens een andere kijk op deze waterval.

De ingrediënten voor een goede foto

In mijn optiek heb je voor een goede foto slechts een paar ingrediënten die de foto standaard of boeiend maken. Het begint met standpunt, brandpunt en perspectief. Deze drie tezamen bepalen wat mij betreft echter slechts 25% van de dynamiek van je foto. De overige 75% heb je zelf niet in de hand. Dat is het aanwezige licht. Het licht is een gegeven. Een gegeven dat je enkel kunt accepteren zoals het je gegeven wordt.

Kruipend en strompelend over stenen nader ik langzaam maar zeker mijn “ideale” standpunt. In gedachten maak ik een kader om mijn “uitzicht”.  Als ik mijn eerste “controle” foto terugzie op mijn cameradisplay besef ik dat ik de perfecte plaats heb gevonden.  

 

 

Bezoek mijn printshop

 

 

Achteromkijken helpt niet

“Achteromkijken helpt niet,” aldus een citaat van de Nederlandse dichter Bergman (1921-2009). Het citaat gaat verder; “vooruitzien kan niet, wij hebben geen poot om op te staan.” Iedere fotograaf weet dat achteromkijken wel degelijk helpt. Wie enkel vooruitkijkt mist de halve wereld, aldus het citaat van de fotograaf Gerry van Roosmalen, 1963-20??.

Onlangs was ik op pad met de IJslandse gids Einar Rúnar Sigurðsson. Einar heeft een zesde zintuig voor het vinden van de mooiste ijsgrotten in de grootste Europese gletsjer, de Vatnajökull. Met zijn superjeep verruilden we de hoofdweg aan de zuidkust van IJsland met een jeep trail. Behendig stuurde Einar zijn superjeep door kuilen, over hellingen en door rivieren.

Een smeuïge ondergrond

Door de ingezette dooi zat er een kilometer voor de gletsjertong niets anders op dan de auto achter te laten en het laatste stuk te lopen. Lopen over het zompige terrein was al een avontuur op zich. Als je bij de ene stap vaste grond onder je voeten had, moest je bij de volgende stap ineens een sprintje trekken om te voorkomen dat je tot ver boven je enkels weg zou zakken in de smeuïge ondergrond.

Het voelde prettig om te staan op het duizend jaar oude ijs van de gletsjertong Breiðamerkurjökull. Slipvrij dankzij stevige crampons zette we koers naar de ijsgrotten. Als een kind in een snoepwinkel liep en kroop ik door de grotten. Lichtinvallen, ijsstructuren, watervalletjes en een kleurenpallet van helderwit tot diepblauw. Een ruimte die respect afdwong, zo’n ruimte waar je niet met elkaar spreekt, maar waar je begrijpend naar elkaar knikt in plaats van uit te schreeuwen hoe mooi het is. Een ruimte waarin je niet praat maar fluistert.  

In zo’n plaats wordt je overvallen door meer inspiratie dan tijd. Je wilt rustig werken, maar beseft ook dat je niet alle foto’s kunt maken die je zou willen maken. Dat zou nog niet kunnen al mocht je hier een hele week verblijven.

Claustrofobisch of niet?

Bij de ingang van een tweede grot informeerde Einar of ik wellicht claustrofobisch was. Nu denk ik van mezelf dat ik dat niet ben, maar op het moment dat ik mezelf door smalle gangetjes moet murwen, of laag over de grond moet kruipen om in een andere ruimte te komen schieten er wel eens verontrustende gedachten door mijn hoofd. Vooral “wat als”, of “stel je voor dat”.  Al die gedachten verdwenen dit keer op het moment dat ik aankwam in een van de wat grotere ruimtes van deze ijsgrot. Daar aangekomen bleven enkel de vragen; welk objectief moet ik gebruiken, welk diafragma is het best, waar is mijn draadontspanner en hoe zet ik hier in vredesnaam mijn statief neer.

Aan het einde van “mijn tijd” pakte ik de camera in en kroop terug door de smalle spelonken en onder hangende ijsformaties. Toen ik mij oprichtte stond ik oog in oog met bovenstaande beeld. Ik was daar onderdoor gelopen en had het niet gezien.

Achteromkijken helpt dus wel.

 

Bezoek mijn printshop

 

 

Een Halo, een bijzonder fenomeen

 

Het was al wat later in de ochtend op een mooie IJslandse winterdag. Het mos van het Eldhraun, een 585 vierkante kilometer groot lavaveld was bedekt met een mooi sneeuwdeken. Op de hogere delen staken stukken mos door het witte tapijt om maar vooral niets te missen van het aangename winterweer.

Bijzonnen of een ander fenomeen

Het felle licht van de zon weerkaatste op het witte tapijt zodat ik mijn ogen moest dichtknijpen tot kleine spleetjes. Op enige afstand van de zon, zowel links als rechts verschenen vreemde lichtvlekken die ik voor bijzonnen hield. Het verschijnsel bleef maar een paar minuten zichtbaar, maar ik prijsde mezelf gelukkig hiervan even getuigen geweest te zijn.

Mijn reis ging verder richting het oosten totdat ik de afslag naar de Svínafellsjökull, een van de mooiere gletsjertongen van de Vatnajökull, nam. Ik parkeerde de auto en liep naar de gletsjer.

Een duidelijke Halo omcirkelde de zon

Was hij net pas ontstaan, of viel hij me nu pas op? Een wijde ring van licht omcirkelde de zon. Een Halo!

Een halo ontstaat op dezelfde manier als een regenboog, waarbij een regenboog zijn oorsprong vindt in vloeibare waterdruppels, regen dus, en een halo in ijskristallen. Waar een regenboog zich altijd recht tegenover de zon manifesteert, vind je de halo juist in de richting van de zon.

Keuzestress is ook voor fotografen een dilemma

Met dichtgeknepen ogen bewonderde ik de halo die natuurlijk fotografisch gezien niet op de juiste locatie aan de hemel stond. Ik moest mijn aandacht verdelen tussen het blauwe ijs van de Svínafellsjökull en de kring rondom de zon. Voor een fotograaf een zware opgaaf want zowel de gletsjer als de Halo waren deze dag bijzonder fotogeniek.

Wetende dat de gletsjer langer zou blijven liggen dan dat de Halo zich zou manifesteren besloot ik me vooral op de Halo te richten. Ik plaatste mijn 12mm objectief (groothoek) op mijn camera en zocht naar een punt waar ik beide natuurverschijnselen binnen één plaatje kon vangen.

Bezoek mijn printshop

 

 

Winters IJsland, een koude omgeving om warm van te worden

De dagen worden korter, temperaturen dalen. Binnen is het aangenaam warm, buiten slaat de snoeiharde wind je om de oren. De gletsjers houden angstvallig hun water beter vast waardoor het peil van de rivieren daalt. Het geweld van het vallende water slaat de druppels uiteen tot fijne nevels die door de ijskoude begroeiing en rotsen meteen worden gegijzeld. Laag voor laag voor laag.

Structuren in vele vormen en maten vormen zich. Kleuren trekken zich terug. Het landschap is teruggebracht tot een kleurenpallet van wit, blauw en diverse grijstinten. Een koude omgeving om warm van te worden.

Glibberend naar beneden

Ik sta aan de top van een van de beroemdste IJslandse watervallen, de Gullfoss. Het pad naar beneden is glibberig. Platgetrapte sneeuw door twee keer zoveel voeten als bezoekers hebben de sneeuw samengeperst tot een baan van ijs.

Mijn schoenen worden voorzien van crampons. Zijn metalen punten vinden goed houvast in het compact getrapte ijs onder mijn voeten. Achter mij voel ik de jaloerse blikken van de cramponloze medemens die niet anders kan dan de schoonheid van de ijssculptuur van boven te aanschouwen.

Overmoed, een realistisch gevaar in IJsland

Ondanks de aanwezigheid van mijn crampons, of beter gezegd dankzij mijn crampons, ben ik nog bewuster van iedere stap die ik zet. Het grootste gevaar zit hem immers in de overmoed die je kunt krijgen door gebruik te maken van hulpmiddelen. Hulpmiddelen zijn ten slotte geen wondermiddelen.

Zou het kunnen? Hier staan om je heen kijken en niet op zijn minst heel even ontroerd zijn? Ik heb vlinders in mijn buik. Verliefd zijn op een landschap, kan dat? Ik vind me zelf terug, zittend op mijn knieën terwijl ik de omgeving minutieus in mij opneem. Nog even kijken zonder camera. Het moment in mijn geheugen vast leggen als een dierbare herinnering.

 

Bezoek mijn printshop

 

Los Cuernos, de Hoornen

Voorbereidingen voor de reis

Lekker aan de koffie, boeken op tafel en de laptop bij de hand. Buiten schijnt de zon ons vanaf een strakblauwe hemel tegemoet. Kijkend naar de plaatjes, lezend in de begeleidende teksten wetend dat je over een paar weken hier deel van uit gaat maken. Je fantasie schotelt je onbewust een romantisch(er) beeld voor van wat je gaat zien en beleven.

In die fantasie is geen plaats voor vermoeidheid, pijn, regen of wind. Je weet dat het erbij hoort, maar je voelt en realiseert het je niet. Daarom is de echte beleving altijd mooier…

Je trotseert de elementen. Je vecht om tegen de wind in verder te wandelen of wordt van uit onverwachte hoek bijna omgeblazen door diezelfde wind. De ene keer sta je hijgend boven aan weer een heuvel, doet je jas open vanwege de warmte, en even later weer dicht tegen de koude. Je zet een muts op je hoofd, doet handschoenen aan en een das om, om even later met de muts, handschoenen en de das in je hand verder te wandelen.

Fantasie of werkelijkheid

In je fantasie heb je ook nooit honger of dorst. Ook dat komt ter plekke wel. In die fantasie heb je ook al een beeld van hoe je de foto gaat maken. Die foto, die maak je nooit! De omstandigheden zijn altijd anders dan je had verwacht. Er is geen strakblauwe lucht. Die ene wolk hangt niet net boven die bergpiek en die prachtige zonsondergang leek bij lange na niet op die ene die je op internet gevonden had.

Dan kom je 22 kilometer, en 9 uur wandelen later terug op het beginpunt van je wandeling, vormen zich in de grijze lucht wolken en duwt de zon voor enkele momenten diezelfde wolken opzij zodat enkele zonnestralen de bergrug Cordillera Paine mooi uitlichten.

Dan heb je niet “die foto”. Het is een andere foto waarmee je met een gelukzalige glimlach op je gezicht de dag afsluit.

 

 

Bezoek mijn printshop

 

De kleurrijke wijk La Boca in Buenos Aires

Ik ben geen stadsmens. Ik voel me er niet thuis, heb continu het idee dat ik op mijn hoede moet zijn, het is lawaaierig, druk en vaak stinkt het. Nee, geef mij maar de weidsheid van een landschap en de frisse lucht van de bergen.

Hallo Buenos Aires

Toen we hoorden dat onze reis naar Patagonia via Buenos Aires zou gaan waar we dan in verband met de juiste aansluiting onszelf ook nog twee dagen moesten vermaken probeerden we natuurlijk eerst om een andere vlucht te nemen. Toen dat niet mogelijk bleek te zijn bedacht ik mezelf dat het dan wel handig zou zijn om wat leesvoer mee te nemen en twee dagen door te brengen in de hotelkamer.

Thuis als je moe bent van alle dagelijkse beslommeringen lijkt dat nog best een goed idee. Een idee wat natuurlijk niet standhoudt want na een uur in zo’n hotelkamer komen de muren al op me af en wil ik eruit. (Behalve ’s-nachts natuurlijk, dan kan ik best blijven liggen).

Binnen 10 stappen sta ik al op scherp

En zo bevind ik me plotseling bij een temperatuur van bijna 30 graden in hartje Buenos Aires. Met de camera in mijn hand stap ik het hotel uit. Ik sta nog geen 10 stappen buiten de deur en wordt al aangesproken door een wild gebarende man die mij waarschuwt de camera weg te stoppen, want het is hier niet veilig, en er zijn best wel veel mensen die graag de camera van mij willen overnemen.

Ik sta meteen op scherp en kijk goed om me heen of tegelijkertijd niet iemand achter mij probeert mijn portemonnee of telefoon te rollen, of dat er iemand anders opvallend dicht bij ons komt staan. Dat is allemaal niet het geval, dus de waarschuwing van de man lijkt oprecht. Daar begint het gesodemieter al denk ik. Ik moet op mijn hoede zijn.

De camera verdwijnt in een onopvallende linnen tas die nonchalant over de schouder hangt. We blijven er natuurlijk uit te zien als die toerist, hier waarschijnlijk beter bekend als “la presa”, “de prooi”.

La Boca in het straatje Caminito (wat weggetje betekend)

We wandelen door de stad met als doel de wijk “La Boca”. Een wijk met gekleurde huisjes. De huisjes zijn gekleurd door de bewoners om op die manier de dagelijkse sores en de armoede te vergeten. La Boca, waar volgens de boekjes op straat nog live de tango wordt gedanst.

We maken gebruik van de straten waar we niet alleen, en daardoor waarschijnlijk veiliger zullen zijn. We komen dan ook ongeschonden in La Boca aan. La Boca zou best mooi kunnen zijn als volkswijkje zoals in de boekjes te lezen was. We komen alleen geen enkele bewoner tegen. Wel veel terrasjes, souvenirwinkeltjes, eettentjes, barretjes en heel veel toeristen.

Een tango van twee minuten

De tango wordt gedanst, maar de ruimte die het dans duo heeft, bedraagt ongeveer 2 vierkante meter. De muziek is niet live maar komt vanuit een oude laptop en wordt weergegeven op erg slechte luidsprekerboxen. Hierdoor lijkt het geluid wel erg authentiek en toch nog uit een ouderwetse, met springveer op spanning gebrachte, pathefoon te klinken.

Een dansje duurt ongeveer twee minuten waarna een buiging wordt gemaakt, het applaus in ontvangst wordt genomen en met de hoed wordt rondgegaan.

Een stukje verderop kun je dan op de foto met een echte tangodanser of danseres net naar gelang je voorkeur. Er wordt geen stap gedanst, en de foto wordt gemaakt met je eigen camera waarvoor de meeste mensen dan hun telefoon tevoorschijn halen, gevolgd door de portemonnee, want voor de foto moet natuurlijk betaald worden.

Niet veel later staan we oog in oog met Maradonna.  Ja, hij zit er echt. Een wilde bos haar, een blauwwit shirt aan zijn lijf, en als je geen verstand of interesse hebt in voetbal lijkt hij misschien nog best op een verre neef of oom van de echte Maradonna. Tegen betaling mag je met je held op de foto.

Het duurt even voordat ik geacclimatiseerd ben aan dit stadse tafereel en ik mijn camera tevoorschijn haal. Met een beetje geduld en wachtend op het juiste moment zijn er in La Boca voor fotografen ook best nog leuke plaatjes te schieten.

 

 

Bezoek mijn printshop